7 februari 2023

Voorne Post

Actueel nieuws uit Voorne

Opgroeien in de Glaciswijk 2: Een droevige ochtend aan het Pieter Postplein

3 min read
Het Pieter Postplein. De parkeerplaatsen waren eerst een plantsoentje

Het Pieter Postplein was de laatste nieuwbouw in de Glaciswijk. Daarna werd er alleen nog een vrijstaande woning in de Pieter Poststraat gebouwd. In die tijd was het zo dat de Hellevoetse industrie huizen kreeg toegewezen om aan het personeel aan te bieden. Wij woonden in de Waterpoortstraat 36 toen mijn vader van de GEBU een huis op het Pieter Postplein kreeg aangeboden. Een huis met een douche! Mijn moeder vond het een prima koele plaats om aardappelen in te bewaren.


Van Tranen en een Poesje
Wij kregen een hoekhuis in het eerste blok op nummer 8. Op nummer 2 woonde politieagent Koning met vrouw en twee kinderen, op nummer 4 de Indische familie Calbo met toen 4 kinderen. Ik werd vriendjes met zoon Roel. Op nummer 6 woonde Huug Lugtenburg met zijn vrouw Riet en dochter Agnes.  Riet is enkele jaren geleden overledenenHuug is (misschien was) vrijwilliger op De Buffel. Over Agnes gaat dit verhaaltje. Agnes was jonger dan ik en een beetje rossig van haarkleur.  Ze had een jong wit poesje gekregen en zat er nu mee in haar handen. Het slaphangende lijfje liet twee bloedvlekken zien van de tanden van de hond die het beestje had dood gebeten. Dat was gebeurd door Herta, de hond van Jan en Lien Potkamp. Waarschijnlijk had Agneshet beettje trots dewijk door gedragen en Herta – die erg waaks was -woonde anderhalve straat verder. Agnes was heel verdrietig en alle kinderen in de wijk, die vanzpo dichtbij met de dood waren geconfronteerd waren dat ook.  Over Jan Potkamp die een mooie lage basstem had en prima piano speelde, komen we in een andere aflevering nog terug.  En ook op de drie families Radings die allemaal in de Glaciswijk woonden

Een klein wit poesje...

Nelis van Kralingen…
In de eerste aflevering vertelde ik u hoe veel winkeliers in de Glaciswijk aan de deur kwamen, zodat je  vrijwel niet de deur uit hoefde voor de boodschappen. Maar we was éen winkel waar iedereen graag naar toe ging. De viswinkel annex snackbar van Nelis van Kralingen, de vader van fotograaf Theo en historicus Rich.  De naam van zijn dochter ben ik even kwijt…Elke ochtend stond Nelis zijn verse vis te bakken met de deur wijd open.  Rond diezelfde tijd deed dokter Walters zijn rondje met de hond. Als hij de geur van gebakken vis rook boog hij zijn route om zodat hij langs het pand van Nelis kwam. Natuurlijk kon hij de verleiding niet weerstaan om de dag te beginnen met een vers gebakken visje. Elke dag…Dat schept een band. Later was Walters een van de oprichters van de Oudheidkamer (nu stadsmuseum) waar Rich vanKralingen jaren de scepter zwaaide. Rich moet inmiddels tegen de tachtig zijn, dus of hij dat nog steeds doet waag ik te betwijfelen. In de avonduren was de winkel ook druk beklant, want daar kon je – als enige plek in de Glacis – frietjes, kroketten, ballen gehakt en alle mogeijke andere snacks kopen. Een echt trefpunt in de wijk dus. Later kwam Kap Kamtoormachines van Nees Kap in het pand en nog later Andra van der Loos met de wereldwinkel. Die bewoont het pand nog steeds

alle avonden te koop bij Nelis van Kralingen