do. feb 25th, 2021

Voorne Post

Actueel nieuws uit Voorne

Een landbouwsprookje van Voorne

2 min read

Er was eens een bloemkooltje, maar niet zomaar een gewoon bloemkooltje. Het was een prachtig hagelwit bloemkooltje van het vrouwelijk geslacht.  In de etalage van de biologische winkel lag het te pronken als een voorbeeld van gezonde schoonheid.


Maar op een boze nacht werd in de winkel ingebroken, de kassa werd geopend, het geld eruit gerukt, maar voor de komkommers, de witlof, de postelein en de ons bloemkooltje hadden de dieven geen aandacht.  ‘Maar geld is toch niet belangrijker dan schoonheid’ dacht het bloemkooltje verontwaardigd en ze nam een kloek besluit, rolde uit de etalage naar buiten om de wereld te laten zien hoe mooi een bloemkool kan zijn. Maar niemand merkte haar op en treurig rolde het bloemkooltje naar het arme deel van de stad, waar de arme mensen woonden en de goedkope winkels en de voedselbank waren.


Ze passeerde een goedkope groentewinkel waar de groente los gestort in kisten buiten stond. Daar werd ze opgemerkt daar een heleboel grote niet schoongemaakte spruiten. Ruwe spruiten eigenlijk. Ze  zagen het prachtige bloemkooltje en de brutaalste spruiten sprongen met tien of meer over de rand van de kist en begonnen het bloemkooltje te betasten en tegen haar aan te rollen. Het bloemkooltje protesteerde heftig en riep om hulp maar er kwam niemand en zo werd het maagdelijk witte bloemkooltje bruut verkracht door een bende seksueel oververhitte spruiten. Huilend van verdriet en schaamte rolde het bloemkooltje verder op weg.


Dagenlang was ze onderweg tot ze zich raar ging voelen. Beetje misselijk en ze werd ook dikker. Ík ben zwanger!’ dacht de bloemkool en angstig ging ze door de polderbermen, tot ze bij een akker kwam waarin honderden met kunstmest grootgebrachte bloemkolen stonden. Ze zagen het bloemkooltje en ontfermden zich over haar met echte bloemkoolwarmte. Want je hoeft niet biologisch te zijn om een hart te hebben. Het bloemkooltje klaagde dat ze niet zwanger wilde zijn van een bende spruiten, maar de grote bloemkolen schudden hun stronken. ‘Dat kan niet, leven is leven hoe het ook ontstaan is’ Want ook als je niet biologisch bent kun je nog best religieus zijn.


 

En de bloemkoolgemeenschap nam het bloemkooltje op en verzorgde haar tot de grote dag was aangebroken. Daar lag plotseling een lelijk groengeel stukje groente dat vol liefde naar zijn moeder en de bloemkoolfamilie keek.  Tja, hoe kun je als moeder nu niet van een kind houden, zelfs als het lelijk is. ‘Nu moet je kind nog een naam geven’  zei de oudste bloemkool die al wat lelijke plekken kreeg. De moederbloemkool dacht even na en zei toen: ‘Ik weet het,  ik noem het ‘Broccoli’ Ze keek blij en de bloemkolen knikten instemmend.